Osgood schlatter

apophysitis tuberositas tibae

Wat is Osgood Schlatter?

Osgood Schlatter is een relatief veel voorkomende aandoening bij adolescenten. Deze aandoening ontstaat door irritatie van de groeiplaat ter hoogte van het scheenbeen, vlak onder de knieschijf.

De spiergroep aan de voorkant van het bovenbeen worden de quadriceps genoemd. Deze quadriceps hechten aan op de knieschijf en vervolgens op de top van het scheenbeen. De pees waarmee de quadriceps aanhecht op het scheenbeen wordt de patellapees genoemd.

Bij personen waarbij het skelet nog niet volgroeid is, bevind zich op de plek waar de patellapees zich vasthecht op het bot een groeischijf. Deze groeischijf bestaat voornamelijk uit kraakbeen. Elke keer als de quadriceps aanspannen, trekken de spieren aan de patellapees. Deze patellapees rekt relatief weinig uit, waardoor er een grote trekkracht op de groeischijf van het scheenbeen komt te staan. Wanneer de spanning te groot/krachtig is of herhaald en langdurig wordt uitgevoerd, kan de groeischijf geïrriteerd raken. Deze irritatie kan resulteren in pijn en soms kan er een botachtig uitsteeksel op de top van het scheenbeen ontstaan. Deze blessure wordt de ziekte van Osgood Schlatter genoemd.

Wat zijn tekens & symptomen van osgood Schlatter?

Personen met deze aandoening ervaren knieklachten aan de voorkant van de knie, net onder de knieschijf (tuberositas tibae). Deze pijnklacht kan toenemen tijdens activiteiten waarbij de quadriceps erg actief zijn. Dit zijn activiteiten zoals: squaten, trap op en af lopen, rennen (voornamelijk berg op) en springen. Ook kan de pijnklacht uitgelokt worden wanneer men knielt of lokale druk uitoefent op de top van het scheenbeen.

Het is een aandoening die typisch voorkomt bij kinderen of adolescenten die een snelle groeiperiode doormaken. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de botten een snelle groei doormaken en de spieren en pezen relatief kort blijven. Met als resultaat dat er meer spanning op de groeischijf van het scheenbeen komt te staan. Kinderen die tijdens de groeiperiode overmatig of veel participeren in ren- en/of springsporten lopen een grotere kans om deze blessure op te lopen.

Bijdragende factoren kunnen zijn: een plotse toename van sportbelasting, recente groeispurt, spierverkorting, slechte voetenstand, verkeerd schoeisel en slechte training.
De Diagnose Osgood Schlatter kan worden gesteld door een fysiotherapeut of een arts. Een MRI, RX scan of CT scan kan in sommige gevallen nodig zijn om de diagnose te bevestigen.

Hoe wordt osgood schlatter behandeld?

De meeste personen met Osgood Schlatter reageren goed op fysiotherapeutische behandeling en verbeteren met de tijd. Deze aandoening is een zelflimiterende aandoening en heelt wanneer de patiënt skeletale maturiteit bereikt. Dit kan 6-12 maanden in beslag nemen, maar kan ook 2 jaar duren. Deze blessure heeft geen invloed op de groei en heeft geen negatieve effecten op langer termijn. Wanneer de volledige functie is hersteld, kan er echter wel een botachtig uitsteeksel ter hoogte van de top van het scheenbeen aanwezig blijven.

Tijdens de fysiotherapeutische sessie kunnen verschillende behandelstrategieën worden aangeboden. Deze kunnen zijn: stretchen, RICE (rust, ijs, compressie, elevatie), gewricht mobilisaties, sportmassage, oefentherapie (flexibiliteit, kracht en balans), aanpassen van activiteiten, Medical taping, easytaping etc.

De fysiotherapeut werkt gecombineerd 'hands-on' en geeft advies en sturing in welke oefeningen het beste zijn voor de patiënt. Hierin is het samenwerking tussen de fysiotherapeut en de patiënt erg belangrijk. De klachten die tijdens activiteiten optreden dienen niet genegeerd te worden. De patiënt dient voldoende rust te nemen, zodat er niet meer schade optreedt en het herstelproces niet belemmerd wordt. Bepaalde activiteiten zullen verminderd moeten worden (zoals springen, squaten etc.). In hoeverre de patiënt zijn of haar sportactiviteiten kan verderzetten gedurende deze aandoening, is afhankelijk van de ernst van de symptomen.